pleaser

Wie doet er écht aan liefde?

We zeggen zo vaak het zinnetje: ‘ik hou van je’, het rolt er net zo makkelijk uit als de zin: ‘Twee Big Mac’s, een Quaterpounder en een friet alsjeblieft’ Maar is dat ook zo? Wat betekent dit dan; houden van? Liefde?

Is dat net als houden van je kind? Dat je moet werken terwijl je kind met de familie naar een pretpark gaat, stralende zon, jij die niet mee kan vanwege deadlines maar toch stilzwijgend geniet omdat je weet dat je kind het fijn heeft. Haar vrolijke gezichtje voor je zien. In haar handjes een suikerspin geklemd die je de rest van de dag overal terugvindt, in haar oren, op je t-shirt, in haar haar. Het je kind gunnen, zonder wrok, zonder enige vorm van jaloezie, egoïsme. Is dat liefde? Een ander wat gunnen, zonder jezelf te beschadigen, te verwaarlozen? Blij worden omdat de ander iets doet wat hem of haar gelukkig maakt terwijl jij hier geen deel van uitmaakt? Ben ik daartoe in staat? Ik weet wat het antwoord is, want ik heb een kind waarvoor ik die onvoorwaardelijke liefde voel. Een kind die ik alles gun, meer nog dan mezelf, zonder mezelf te verwaarlozen of te verloochenen. Het voelt niet als opoffering (ok dan: in de puberteit kun je jezelf voor je kop slaan dat je destijds je muren hebt laten stuken en niet voor behang hebt gekozen), terwijl je van je kind niet zoveel terugkrijgt als je van een partner mag verwachten. Tenminste niet direct. Je mag van je kind verwachten dat die het kloddertje speeksel in je mondhoek wegpoetst wanneer jij in het bejaardentehuis zit en niet meer maalt om een kloddertje spuug her en der.

Het is een vraag die me aan het werk zet, want ik wil het weten: ben ik ertoe in staat? Kan ik dat? Liefde voelen, liefde geven, echt houden van? Kan ik de ander iets gunnen zonder te denken: ‘maar ik wil ook!’ Zonder daarvoor iets terug te verwachten. Iets te geven van jezelf om te ander gelukkig te maken. Of misschien moet ik zeggen: ‘om de ander gelukkig te zien’. Misschien is dat wel weet wat jou gelukkig maakt: te zien dat JIJ de ander gelukkig maakt door een gebaar, iets te geven, zonder egoïsme. Zonder angst dat jij je liefde geeft aan iemand die zo je leven uit kan lopen, waardoor je maar liever even wat achter de hand houdt.

Zoveel huwelijken die stranden in een echtscheiding. Zoveel relaties waarbinnen alleen nog maar de tube tandpasta gedeeld wordt. De gezichten zonder passie in de supermarkt, samen boodschappen doen voor het weekend, een nieuwe tube tandpasta in het karretje laten vallen. Pa ‘achter’ de computer, ma achter de stofzuiger, kind voor de tv. Op zondag naar je ouders of schoonouders en verder niets. WAAR IS HET LEVEN GEBLEVEN? Het leven waarin je met stoom uit je oren de kleding van elkaars lijf rukte, niet langer kunnen wachten, hunkerend naar elkaar? Niet elkaars lichaam alleen maar gebruiken omdat je beseft dat je niet in het bezit bent van een 4-seizoenendekbed en het gewoonweg vreselijk koud hebt. Je niet meer zorgen maken over de kreukels in je gezicht ’s morgens, omdat je een intiem onderonsje had met je kussen vannacht. De gezapigheid van het lang samen zijn.Het gewone, het vanzelfsprekende, niet meer je best doen voor elkaar.

Ik wil dat niet! Ik wil dat niet! Een beklemd gevoel slaat om mijn hart als ik denk aan dit soort taferelen. Logisch dat mensen niet meer bij elkaar willen zijn en zich storten in de armen van een ander, als je je niet meer geliefd voelt, niet meer gewaardeerd. Waarmee ik overigens geen vrijstelling verleen voor vreemdgaan, want je leven verrijken kun je beter doen voordat je dat van een ander beschadigt. Maar waar is de passie, de interesse voor elkaar? Waar is het misgegaan dat je liever tijd maakt om de toiletpot voor de vierde keer in dezelfde week schoon te maken in plaats van ergens koffiedrinken met je lief en vragen wat hem of haar bezighoudt? Heeft hij of zij nog dromen? Heb je nog gezamenlijke dromen? Zie je nog steeds datgene dat je zo bewonderde toen je verliefd was?

Het kan toch niet zomaar weg zijn alleen maar omdat de tijd verstrijkt?

Ben ik ertoe in staat? Kan ik dat? Een relatie levend houden? De steekvlammen na verloop van tijd reduceren tot een stabiele zee van vlammen die af en toe oplaaien en niet verdwijnen in een pieterpeuterig waakvlammetje die langzaam uit kan doven?

Ik ga vandaag eens goed opletten in de supermarkt of ik stelletjes of gezinnen zie waarbij de warmte je nog aanraakt als je er voorbij loopt. En ik zal niet alleen letten op de tandpasta in het karretje.

PS: ik wil er graag bijvertellen dat ik iemand heb gevonden die mij het antwoord geeft op de vraag: ‘wil ik dat het lukt, die liefde’? Het antwoord is namelijk ‘ja’, dat wil ik heel erg graag, ik wil dat het lukt met hem!’ Als je me dus samen met hem ergens in een caffeetje ziet zitten met een kop koffie, dan weet je dat ik eraan werk; aan de liefde. In sommige gevallen kan het ook zijn dat ik behoorlijk moe was en een caffeïneshot nodig had.

Comment 1

  1. Laila
    13 april 2011

    Ik ben vandaag wel in de supermarkt geweest…alleen deze keer, maar uhh… je weet wel 😉

Write a comment