vrouw met cappucion aan zee

Geest zegt sorry

Dit is een vervolg op Geest vs Lichaam

Geest zegt met een klein, zacht stemmetje tegen lichaam: ‘Sorry…’

Lichaam: ‘Wat zeg je daar, geest?’

Geest: ‘Nou…eh sorry voor laatst. Dat ik niet goed naar je geluisterd heb toen je me duidelijk wilde maken dat er wat aan de hand was.’

Lichaam: ‘Dat er ‘wat’ aan de hand was? Weet je wel hoeveel pijn ik heb gehad? Ik heb echt een gigantische pijn in mijn onderbeen moeten doorstaan en jij maar zeggen dat het een zweepslag was! Op internet gelezen.
Dr. Google! Mijn kuit was keihard, verkrampt, warm, soms stuwde mijn temperatuur tot ongekende hoogten en jij besloot dat ik gewoon door moest gaan. Dat het gewoon een blessure was. En waarom? Omdat je een DEADLINE had op je werk. Toen werd ik echt zoooooo boos!’

Geest: ‘Ja, toen kreeg je vier dagen griep! Vier dagen in bed! Vier dagen koorts en niet kunnen werken. Ik verveelde me dood en ondertussen zat ik met die deadline in jouw maag. En je weet toch dat ik niet stil kan liggen?’

Lichaam: ‘Griep? Jij bent echt niet goed snik! Het was geen griep, trut! Ik had trombose in mijn been! Ik wilde ons beschermen door accuut een signaal te geven: ‘ga liggen!’ Er zat een stolsel in mijn been! Weet je wat er kan gebeuren als een stolsel uit je been losschiet?’

Geest: ‘Ja, duh! Dan krijg je een longembolie! Of meerdere in jouw geval.’

Lichaam: ‘Echt, als je een kont zou hebben, zou ik er zo graag een keiharde trap tegenaan willen geven. Maar daar heb ik alleen mezelf mee. Toen jij mij weer gezellig richting de bushalte dwong om naar je werk te gaan om je deadline te halen, was het stolsel in mijn been losgeschoten en via de bloedbaan via mijn hart naar mijn longen gegaan. Daardoor zijn verschillende aderen dichtgeslibd en kon ik bijna niet meer rechtop staan van de pijn. En jij maar vrolijk tegen me zeggen dat ik gewoon een kouwtje heb gevat en me niet zo moet aanstellen. Echt, ik kon wel janken, wat ben jij een harde bitch. Keihard, genadeloos. En weet je wat helemaal erg was? Toen je Loes aan de telefoon had die zei dat ze naar het ziekenhuis moest omdat ze dachten dat ze een trombosebeen had. Toen zei je: ‘Oooh, wat erg!! Dat is heel erg, hoor! Goed dat je er naar laat kijken, ik zal voor je duimen! En ondertussen liep je met mijn trobosebeen rond te strompelen.’

Geest: ‘Het had best een kouwtje kunnen zijn en ik wil ook niet meteen piepend en jankend naar de dokter rennen. Ik dacht echt dat het een zweepslag was. En daarbij, wie gaat anders die deadline voor me halen?’

Lichaam: ‘Wat dacht je? Ik kan kiezen op internet, een zweepslag en een trombosebeen? Ik kies voor optie a, want optie b komt me momenteel niet zo goed uit? Je bent zo, zo hardleers, geest! Had je nu werkelijk niet in de gaten dat je je eigen deadline aan het halen was? Nee, he? Te druk met de stoere, loyale werknemer uit te hangen. Hoe vaak ik die bureaula wel niet open heb zien gaan om er een Ibupruvenntje uit te halen zodat je deze in mij kon stoppen om me te sussen, weet ik niet meer, maar pijn deed het wel, jij die niet luisterde naar wat ik je te zeggen had. Huilen wilde ik, maar dat mocht niet, want dan liep je mascara uit en dan kon je je deadline niet op een representatieve manier halen. En toen kreeg ik ook nog koorts, het werd me allemaal gewoon teveel’

Geest: ‘Als je het zo zegt, voel ik me wel een beetje schuldig.’

Lichaam: ‘Oh, fijn, ze voelt zich een beetje schuldig.’

Geest: ‘Ja, hallo, wat had je dan verwacht? Wie denkt nou aan een longembolie? Ik ken het alleen maar van verhalen dat mensen dood worden gevonden in huis enzo. Laatst nog een zwangere vrouw, heel zielig, met baby en al, die was al bijna klaar en haar man vond ze in de keuken. Dood.’

Lichaam: ‘Ik sta met mijn mond vol tanden.’

Geest: ‘Ik wist het echt niet hoor! Ik dacht dat het gewoon een kouwtje was en daarna spierpijn ofzo, of gekneusde ribben, al wist ik niet waarom. Dat had ik je nog willen vragen: of je misschien iets geks had gedaan en je ribben had gekneusd, maar….’

Lichaam: ‘Laat me raden, je was te druk om je deadline te halen?’

Geest: ‘Ja, het moest echt af! En je had al eerder griep gehad, dus kon ik het niet maken om weer iets te hebben.’

Lichaam: ‘Trombose! Geen griep. Nee, natuurlijk, je kan het niet maken om iets ernstigs te hebben, stel je voor! Hoe had je die deadline willen halen met longemboliën? Tussen zes plankjes? Dat mensen geen foto op je kist zien staan, maar een bordje met: ‘Niet storen, ik ben mijn deadline aan het halen?’

Geest: ‘Hihi, dat waardeer ik nu zo aan jou. Je hebt wel humor!’

Lichaam: ‘Ja, ik vind het echt heel grappig. Ik lach me dood. Hihi, hoho.’

Geest:’Jee, wat flauw! Ik ben toch uiteindelijk naar de dokter gegaan? En daarna heb ik je toch naar de spoedeisende hulp gebracht?’

Lichaam: ‘JIJ bent naar de dokter gegaan? Je bent gedwongen door mensen die wel van mij houden. Anders had je net zolang gewacht totdat ik erbij neer was gevallen. Dan hadden je collega’s zeker gezegd: ‘Raap dat lichaam even op, het ligt in de weg. We zijn blij dat ze haar website op tijd heeft opgeleverd en haar project heeft afgerond, alleen jammer dat ze nu dood is, lopen we ook nog een dag achterstand op omdat we naar haar begrafenis moeten.’ Ik had namelijk wel dood kunnen zijn. Als we man en vrouw waren geweest, had ik onmiddellijk een scheiding aangevraagd!’

Geest: ‘Nou, jij had mijn vrouw helemaal niet kunnen zijn, want ik val niet op blond.

Lichaam: ‘Nou, mijn haarkleur verklaart in elk geval jouw intelligentie. Dat je me niet serieus neemt, zegt toch genoeg, of niet dan? Wat moet ik mezelf nog meer aandoen om een beetje aandacht te krijgen?’

Geest: ‘Sorry, nogmaals. Je hebt gelijk. Ik bedoel het niet verkeerd, allemaal. Ik mag misschien af en toe een beetje eigenwijs zijn, en een ietsiepietsie te hardleers zoals jij dat zegt, maar ik leer hier echt wel wat van, hoor! Ik zou er zelfs examen in kunnen doen, als je dat wilt. Het was echt niet mijn bedoeling je pijn te doen. Ik wil helemaal niet dat je dood gaat. Ik word hier heel verdrietig van. We hebben een heel leuk leven, veel mensen die van ons houden en veel mensen waarvan wij houden. Ik wil dat graag zo houden. Ik heb maar één lijf en dat ben jij. Ik ben heel blij met jou, ik vind je echt heel lief, ook al ben je niet perfect.

Als we man en vrouw waren geweest, hadden we het nu dan weer goedgemaakt?’

© Wendy Borst – 2008

Write a comment